In één van zijn ‘bizarre’ verhalen geeft Belcampo een feilloze verklaring, waarom terugkeren tot een herinnering zo vaak teleurstellend is: “…. wanneer na jaren het anachronisme (de herinnering) tegenover de werkelijkheid komt (die zich onafhankelijk van die herinnering zelf heeft ontwikkeld), gebeurt er iets gewelddadigs.” (‘Het verhaal van Oosterhuis’; Nieuwe Verhalen, 1946). Maar hoe vaak we die waarheid ook aan den lijve ondervinden, we blijven proberen het geluksgevoel van een bijzondere ervaring terug te vinden.

Zo verheugde ik mij al dagen tevoren op een verblijf in het intieme hotelletje ‘Anne de Beaujeu’, ondergebracht in het voormalige stadskasteeltje van de gelijknamige hertogin van de Beaujolais, waaraan ik zulke onvergetelijke herinneringen had. Ik had beter moeten weten, want anders dan de eerste keer toen we daar pas na vele vergeefse pogingen konden boeken, was reserveren nu geen enkel probleem. De reden werd ons snel duidelijk: de vorige eigenaar, die ons op geheel eigen wijze had onderricht in de bijzondere kwaliteiten van de wijnen uit de Beaujolais en daarbij zelf het goede voorbeeld gaf door zich te ontfermen over de aangebroken flessen, had inmiddels de zaak verkocht.

De nieuwe eigenaar zei dat het hem voorlopig nog had ontbroken aan tijd en middelen om de kamers te moderniseren, maar het restaurant, chique onder een eigen naam ‘Le Marigaux’, voldeed nu volledig aan de eisen des tijds. De prijzen lieten daarover geen misverstand bestaan, al zult u van mij geen kwaad woord horen over de kwaliteit van de geserveerde spijzen. Maar wat mij hier in het hart van de Beaujolais, in schrille tegenstelling tot ons vorige bezoek, vooral tegenviel was de kwaliteit van de wijnen. Hier had ik toch echt een zorgvuldig geselecteerd product van een individuele wijnboer, een propriétaire-récoltant, verwacht en geen wijn van een handelshuis! Maar de kamers ademden inderdaad nog de sfeer van de gedateerde luxe van het begin van de vorige eeuw, al misten wij toch de persoonlijke zorg en aandacht, die de vorige keer zulke nostalgische herinneringen had nagelaten.

Ik haastte mij dan ook de reservering voor de tweede nacht ongedaan te maken en te boeken in een groter hotel: ‘Le Villon’ in het aangrenzende dorp Villié-Morgon, een onderkomen dat misschien niet zo luxe was, maar met een restaurant dat voor minder dan de helft van de prijs volstrekt niet onderdeed voor het opgepimpte ‘Le Marigaux’. Vooral de wijnkaart met een ruime keuze aan zorgvuldig geselecteerde wijnen was een vreugde voor de liefhebber! Het werd al spoedig duidelijk wat daar de reden van was: onze gastvrouw bleek een dochter te zijn van Jany-Joel Cancela, de vorige uitbater van ‘Anne de Beaujeu’! Wijn bleek de familie in het bloed te zitten, want Anne-Virginie was getrouwd met een wijnboer uit Régnié, de jongste ‘Cru du Beaujolais’, maker van een wonderschone gulzigfruitige, helderrode bessige wijn.

Natuurlijk vroeg ik Anne-Virginie hoe het met haar vader ging, waarop zij zei: “Vraag het hem zelf maar, hij is hier!” Jany-Joel was wat ouder en zwaarder geworden en leek ook wat van zijn uitbundigheid te hebben verloren. Zoveel enthousiasme voor wijn heeft inderdaad een keerzijde, zoals bleek uit het antwoord op mijn vraag naar zijn welbevinden. Dat, zo zei hij, ging nu wel weer, na een geslaagde…… levertransplantatie!

Hilco Frijliink,
voormalig directeur